Meer Tamale nieuws (deel 1)
Door: Dees
Blijf op de hoogte en volg bendeesonderweg
05 Oktober 2013 | Ghana, Tamale
Vanwege technische problemen, bestaat het verslag deze keer uit deel 1 en deel 2.
Time for Tamale-news!
Werd het vorige verslag afgesloten met de vermelding van de enorme hoosbuien op 30 augustus, dit kreeg de daaropvolgende dagen nog een staartje. Alles stond namelijk blank. Het was bijna onmogelijk om ons huis nog te bereiken. We noemden de woonomgeving dan ook maar: Lake Katariga. Toch probeerde ik (Dees) om de container te bereiken, waar ik zakken water wilde bestellen (die dan later thuis worden bezorgd). Aangezien ik de weg (rough road) niet kon bereiken, liep ik over een talud. Leuk bedacht, maar het werd steeds drassiger naarmate ik mijn weg vervolgde. Tussen het talud en de weg stond water. Om op de weg te geraken moest je over het slootje springen. Nu zou dat normaliter wellicht geen probleem zijn, ware het niet dat ik steeds uitgleed. Ik had geen grip. Op blote voeten ging het beter. Toch lukte het niet om van het talud de weg te bereiken. De lokale bevolking zag de Siliminga (in hun ogen een oude witte vrouw) stuntelen en binnen no time werd me letterlijk de helpende hand toegestoken en bovendien werd er een steen in de sloot gelegd, zodat ik van het talud op de steen kon stappen en met behulp van een sterke zwarte hand de weg kon bereiken.
Een paar telefoontjes plegen richting vrienden zorgt altijd weer voor verrassingen: Paul is wel eens bij ons in Katariga geweest en weet dat er nog één kamer vrij is naast ons huis. Hij vroeg om het telefoonnummer van onze landlady, zodat hij contact met haar kon opnemen. Wat was namelijk het geval? Een vriend van hem bleek op zoek te zijn naar nieuwe woonruimte. Dus wie weet krijgen we binnenkort een vriend van Paul als buurman. Echter: We hebben er niets meer van vernomen.
Toen we mister Halilahi aan de lijn hadden, liet hij plotseling weten: ‘There is a lady here who wants to greet you’ en dat bleek een oud-leerling (Rama) van hem te zijn die wij destijds de kans hadden gegeven om naailessen te volgen bij mister Halilahi. Inmiddels heeft zij het hele traject van 3 jaar afgerond.
En bellen met Taiba? Nog steeds zit zij met haar hele gezin in Kumasi. We spraken haar dan ook aan met: ’He, Kumasi woman, how is life overthere?’…..dit tot grote hilariteit van Taiba.
En vriend Hudu die werkzaam is als ‘fitter’ had 14 dagen vrij gekregen van zijn baas om naar Ejura te gaan (in de buurt van Kumasi) vanwege de ‘harvest’. Tsja…..farming blijft altijd onderdeel uitmaken van het leven van de mensen hier.
En zelf ontvangen we ook leuke telefoontjes: Oud collega Margaret van de Cambridge Garden Academy school verkeerde nog in de veronderstelling dat we in Waterworks woonden; we lieten haar weten dat ze nu altijd welkom was in ons huis in Katariga.
En mister Ramzy van het project Neesim Community Children Education and Library Project (project voor kansarme kinderen) vond het erg interessant te vernemen dat wij computerles hadden gegeven aan de kinderen van de Katariga-school. Hij vroeg zich hardop af: ‘Did you buy the computers for them madam Dies?’ Nee, luidde mijn antwoord, ‘I am still a volunteer you know, but we are lucky that there are computers at our project CPYWD’.
En vriend Job moest na zijn vakantie weer terugkeren naar de universiteit in Winneba (Zuid-Ghana), waar hij verder gaat met zijn studie: ‘Early childhood development’. Hij begint nu aan zijn 3e jaar.
En af en toe belt ‘onze’ Suhayini ook nog eens. Zij behoorde tot onze allereerste NFD-groep en was één van onze eerste naaisters die het hele traject heeft doorlopen en uiteindelijk dus een eigen shop had. Inmiddels is Suhayini getrouwd, heeft een zoontje van bijna anderhalf jaar, woont in Accra en heeft de houten kiosk van Tamale verruild voor een metalen container. Suhayini heeft het voor Ghanese begrippen dus goed gedaan. Zij wil ons dolgraag een keer komen bezoeken in Tamale; sinds onze komst in februari wil ze al komen, maar dat is niet zo eenvoudig. De afstand is groot en bovendien moet zij als jonge moslim-vrouw toestemming vragen aan haar man. Zij liet me weten: ‘ Everyday I ask my husband, but he tells me to wait’ en ze vervolgde: ‘I tell him that I have to go to my mum and dad, madam Dies and mister Ben in Tamale’. Nou, dat is toch leuk om te horen; blijkbaar heb je dan toch iets betekend in het leven van dit meisje. Ik maakte maar een geintje en liet Suhayini weten: ‘Next time we ask your husband to come on the phone and then we will convince him that you have to come to Tamale’. Suhayini vond het prachtig! Toen ik haar liet weten dat mijn Dagbanli een heel klein beetje was verbeterd en ik dus in het Dagbanli aan haar vroeg hoe het met de familie en met het werk ging, schaterde zij het uit!....’Oh madam Dies, small, small………’
En mister Paul de ‘owner’van de ‘private school’ Cambridge Garden Academy is al sinds onze komst in februari bezig om te komen. Destijds liet hij weten: ‘I will come before the first of April’. Inmiddels zijn we een half jaar verder, maar nog steeds is hij niet geweest. But:…….’I will come, give me the direction’.
En dan lopen we oud collega Aziz - pats boem - tegen het lijf in de stad. Met hem heb ik (Dees) in 2009 en 2010 les gegeven op Cambridge Garden Academy, maar inmiddels heeft Aziz een andere baan gevonden.
Ook is er nog steeds contact met onze vrienden van de Tessark-school in Takoradi. We belden naar Richard, het ‘manusje-van-alles’, maar al snel gaf hij de telefoon over aan oprichtster Theresa (Grandma). Zij reist ieder weekend van Takoradi naar Accra om haar zieke echtgenoot Eric (Grandpa) te bezoeken in het ziekenhuis aldaar. Hij is zeer ernstig ziek. Dochter Nanaama is in Amerika om te bevallen van haar derde kind; echtgenoot Stephen is in Takoradi (met hem hebben we regelmatig email contact en hij gaat begin november naar Engeland en Nederland) en op 24 september werd de nieuwe school in gebruik genomen. Hectische periode dus! Toen we het telefoongesprek beëindigden liet Grandma ons weten: ‘Thank you for your concern’.
Een tijdje later belden we nog eens naar oma: Nog steeds was opa in Accra, weliswaar niet meer in het ziekenhuis, doch bij een zoon (we kregen zijn mobiele nummer en binnen 24 uur namen we telefonisch contact met hem op) en nog steeds was er geen baby-nieuws bij Nanaama en voor wat betreft de start van de nieuwe school: It was fine. En o ja, oma zelf gaat 6 oktober 2 weken op reis en wel naar Parijs, Rome en Israël.
Het is onvoorstelbaar wat deze mensen allemaal doen! Aan het einde van het gesprek gaf oma de telefoon even door aan Richard en konden we hem ook nog even gedag zeggen…..just to say hello…..
Zoals eerder gemeld ligt ons hart meer bij de uitvoering van ons werk (de kinderen) dan bij het beleid. Echter: CPYWD Ghana alsmede SPG Nederland zien onze taken - als senior volunteers - eerder liggen op het terrein van coaching, empowerment e.d. Natuurlijk doen we dit ook al enigszins, maar de focus ligt daar niet. Tijd dus om de mogelijkheden te bespreken. It will be okay; we will manage it……
Met de Nederlandse staff (Stichting Partnership Ghana) is er veel contact per mail en telefoon. Direkteur Jacob van CPYWD is daarentegen erg moeilijk te bereiken. Het wachten is op een uitnodiging voor een ‘meeting’, maar het schiet allemaal niet op. Bellen heeft weinig zin: Switched off; not answering; number busy; out of coverage area enz. Mailen zet ook geen zoden aan de dijk: Die worden vaak niet of veel te laat beantwoord. Zaken bespreken met onze collega’s Osman en Peter werkt ook niet. Osman geeft op 9 van de 10 vragen die je hem stelt, het antwoord: ‘Unless we ask mister Jacob’ en Peter leest voornamelijk in bijbelboekjes. Tsja…en als Jacob bijna nooit op CPYWD komt, i.v.m. een baan elders, dan blijven de zaken te lang liggen. Vermeng dit alles nog eens met een Ghanees cultuur-sausje dat bestaat uit de ingrediënten excuses en beloftes en je hebt het plaatje compleet van geen enkel resultaat.
Maar hoera…..eindelijk komt er dan een reactie van Jacob en dit resulteert in een meeting op 7 september, gevolgd door follow-ups op 14 en 28 september. En het belangrijkste is dat wij tevreden zijn over het resultaat.
Inmiddels een ‘proposal’ op papier gezet als het gaat om het realiseren van een community cinema. Dit zou een bron van inkomsten kunnen zijn voor het project. Wij stuurden ons voorstel dan ook naar zowel de Ghanese als de Nederlandse staff.
De nieuwe administratieve kracht op het project CPYWD zou 2 september starten, maar……dat gebeurde dus niet. Toen wij onze Ghanese collega’s vroegen naar de reden, luidde het antwoord: ‘We don’t know’. Hier worden we dus niet alleen moe van, maar ook moedeloos. Eerst zou Khadija starten op 19 augustus, toen op 2 september , maar concreet ….niets…… geen ‘administrator’. Maanden geleden hebben wij deze Khadija al aangedragen (verkregen via ons netwerk, zijnde de direkteur van het Business College International). Wij begrijpen het niet meer. Er is kennis gemaakt; er is een introduktie geweest; de formaliteiten zijn afgerond, maar nog steeds is zij niet gestart. We zijn benieuwd naar het volgende excuus…….
Als we op 12 september collega Osman nog eens vragen of Khadija al gestart is, laat hij weten dat zij begonnen is op 9 september. Maar uh……waarom hebben we haar dan nog niet gezien? Wij zijn toch iedere dag op CPYWD? Het antwoord luidde: ‘She came after you have left’. Kan natuurlijk, maar dat is toch wel erg toevallig, nietwaar? Maar goed…….vrijdag 13 september troffen we Khadija dan eindelijk op ‘the office’. Zij was gestart en zat achter de computer te werken. Enkele dagen later was zij ziek.
Toen ze uiteindelijk weer begon, startte zij niet met de administratie, maar vond ze het blijkbaar leuker om onze verkeersles bij te wonen en tevens te fungeren als tolk. Daarna wilde ze eigenlijk ook wel Nederlands en Frans leren en……bla….bla…bla……Dus: De administratieve kracht is dan eindelijk gestart, maar haar taken en werkzaamheden zijn niet helemaal duidelijk voor ons.
Begin september hadden we een leuke ASP-aktiviteit (After School Program), namelijk: Drama: ‘Circle story’. We vroegen onze Ghanese collega om de volgende tekst in het Dagbanli te vertalen richting kinderen: Everybody needs to sit in a circle. One student begins a story with one sentence. Then the student next to him/her adds one sentence and so on…….Lijkt eenvoudig, maar was het niet.
De kinderen begrepen er niets van. In eerste instantie vertelde elk kind een losse zin. Echter: De zin die daar op aan moest sluiten bleef uit. Er zat dus geen logische opbouw in om er een verhaal van te maken. Daarna gingen ze individueel een volledig verhaal vertellen. Het duurde lang voordat zij begrepen dat ze allemaal 1 zin moesten zeggen en dat alle zinnen samen één logisch verhaal moest opleveren. Wat ons opviel was dat we de woorden ‘ beating and caning’ erg vaak hoorden…….meppen/slaan dus………..
Na afloop van deze naschoolse aktiviteit, werden we door één van de kleintjes gevolgd naar ons huis. Plotseling hoorden we een bedeesd stemmetje aan de achterzijde van ons huis: ‘Madam, please madam’……Ik (Dees) probeerde hem duidelijk te maken dat we hem een dag later weer zouden ontmoeten op het project en dat het dus niet nodig was om naar ons huis te komen. Blijkbaar had het ventje het niet begrepen, want binnen een mum van tijd stond hij aan de voorzijde van het huis en hoorden we hem klopppen op ons kippengaasdeurtje. Inmiddels was buurvrouw Reina ook eens komen kijken wat er gaande was en ik vroeg haar om in het Dagbanli te vragen waarom het kereltje naar ons huis was gekomen. Het antwoord luidde: ‘He wants a pencil’. Toen ging me een lampje branden……een hele tijd geleden had ik dit knaapje eens een potlood gegeven (omdat hij heel goed kan tekenen) en hij heeft vast gedacht: ‘Als ik weer een potlood vraag, dan krijg ik wellicht opnieuw een potlood of misschien nog wel iets anders’. De kinderen waar wij mee werken zijn echt arme stakkers; zij hebben helemaal niets (behalve kapotte kleding).
Heavy rain op 5 september toen we arriveerden op CPYWD voor het naschoolse programma. Aangezien regen een algemeen aanvaard excuus is om niet te komen, hadden we eigenlijk verwacht dat er niemand zou zijn. Echter: Wat schetste onze verbazing? Zeker 20 kinderen stonden ons in de stromende regen op te wachten en begonnen luidkeels te zingen: ‘Welcome madam Dees and welcome mister Ben’. Een hartverwarmend onthaal dus! Toen alle kinderen naar binnen stormden, besloten we er maar een middag van te maken met een mix aan aktiviteiten.
Op het Discovery Center van CPYWD waar wij altijd lesgeven in de ‘conference room’, staat een blauwe box met materialen, bestemd voor het naschoolse programma. Daar zijn een paar springtouwen in te vinden, een bal, spelletjes, tekenpapier, kleurpotloden, maar dat is het wel zo’n beetje. Voor de kinderen is die blauwe box echter het Walhalla; als het deurtje opengaat rennen zij er naar toe en grissen bijna de spullen uit de box.
Deze kinderen hebben echt helemaal niets, dus een bal, een springtouw, een spelletje of een stuk papier en een potlood zijn ware kunstschatten voor hen. De manier waarop zij naar de - in hun ogen - magische blauwe box kijken, doet je hart wel eens omdraaien. Zo blij met niets. In hun beleving is de blauwe box een ware speelgoedwinkel!
Een andere aktiviteit tijdens het ‘After school program’ was fototaal. Aangezien alle aanwezige kinderen slechts Dagbanli spraken en onze lokale collega-facilitators Osman en Peter afwezig waren, lukte het niet om fatsoenlijk les te geven. Er was dus een taalprobleem. Dan maar spelletjes laten doen…..…..toch een beetje jammer, omdat fototaal een mooi instrument is om je verbale creativiteit te ontwikkelen.
Een dag later willen we het wederom proberen, want nu zijn onze collega’s aanwezig die kunnen vertalen, maar dit keer kwam de regen met bakken uit de lucht en tja……dan is het dus weer de regen die roet in het eten gooit. Voordat er daadwerkelijk gestart kon worden, waren we al snel ruim een uur verder en lieten onze Ghanese collega’s weten: ‘The time left is too short and besides the children want to do indoor-games and they want to draw’. Wederom jammer, want dat zijn aktiviteiten die al zo vaak worden gedaan.
Wij bleven proberen om ook af en toe eens andere aktiviteiten te organiseren. Wat te denken van een lesje ‘basic cleanliness?’ Vele aspecten kwamen hierbij aan de orde. Enkele voorbeelden: Wear sandals, so don’t walk bare-foot; keep animals away from the house; wash your hands with soap; dry and hang laundry in the sun; brush your teeth twice a day; clean bowel movement immediately; cover water; wash yourself twice a day; cover your mouth when you are coughing; don’t spit; wash fruit; use latrines; use ladle, so don’t eat with your hand; protect food from flies; use garbage pit; sweep etc.
Maar het ging nog verder: Danger of dehydration whenever somebody has diarrhoea, high fever or is vomiting and make sure the body gets back enough fluids (rice water, coconut juice, mashed kenkey, light soup, porridge) or make ORS yourself (home made sugar/salt solution). Er werd gesproken over ‘the vicious circle of malnutrition and diarrhoea’; how diseases are spread; worms; iron deficiency; foodgroups and last but not least the signs/symptoms, the cause, the mode of transmission, the prevention, the first aid and the treatment of several diseases (like anaemia, diarrhoea, typhoid fever, cholera, skin diseases, worms and polio).
Ons materiaal dateerde weliswaar uit 2004, maar kwam hier nog prima van pas, omdat de kinderen uit Katariga echte community-children zijn. Het materiaal hebben wij in 2004 gebruikt tijdens onze exposure-periode van de SMA in de Afram-Plains/Ejura/Babaso. Kortom: Wie wat bewaart, heeft wat!!! En op deze manier zien wij dan ook weer eens zelf dat het dus al bijna 10 jaar geleden is dat wij onze eerste schreden zetten op het terrein van werken in een Derde Wereldland.
Natuurlijk is het soms erg confronterend. Je kunt wel zeggen: ‘Handen wassen met water en zeep’, maar dan moet je wel water en vooral zeep hebben!!!!!!!!! En je kunt wel vertellen dat tanden poetsen ook belangrijk is, de ouders van de kinderen uit de Katariga-community hebben echt geen geld om een tandenborstel te kopen, laat staan om tandpasta aan te schaffen. We lieten dan ook maar snel weten dat ze ook hun ‘chewing stick’ konden gebruiken als alternatief voor de tandenborstel. Deze ‘chewing stick’ is een houten stokje waar veel mensen op bijten, op sabbelen en hun gebit mee schoonmaken.
Collega Osman ging nog een stapje verder, door te vermelden dat de kinderen in plaats van tandpasta ‘charcoal’ konden gebruiken, houtskool dus (waar men op kookt).
Het moge duidelijk zijn dat de les over ‘basic cleanliness’ erg nuttig was. Het zou nog beter zijn om ook de community-members (of in ieder geval de moeders van de kinderen) uit te nodigen voor zo’n bijeenkomst. Men zou echt geholpen zijn met het aanreiken van deze handvaten op het gebied van ‘health’. Misschien een idee voor de toekomst? Onze collega’s Peter en Osman vonden het onderwerp ook erg interessant en dit leidde ertoe dat zij zelfs het initiatief namen om copieën van het materiaal te maken. Nou,…… dat is al heel wat, want initiatief tonen is nu eenmaal niet de sterkste kant van de gemiddelde Ghanees.
Voordat de les daadwerkelijk van start kon gaan, duurde wel even: Lights off en geen kinderen te zien. Na een half uur gewacht te hebben ging ik maar eens op onderzoek uit en trof een groepje jeugd aan. Ik nodigde hen uit om naar de ASP te komen. En inderdaad….zij kwamen richting Discovery Center, maar niet voordat zij mij een dode vogel hadden laten zien en me meldden: ‘Siliminga, you can chop it’ (Witte, je kunt dit eten)………….De dode vogel werd uitgebreid ontleed door de jongens (een bloederig tafereel) en 1 knaap stak zelfs de veren van de vogel in zijn eigen oren. Eénmaal terug op CPYWD, startte de les ‘basic cleanliness’, dus de praktijk sloot prima aan op de theorie. (Handen wassen als je een dood dier hebt aangeraakt).
Toen we een dag later tijdens het naschoolse programma verder wilden gaan met het onderwerp’ basic cleanliness’ gaven de kinderen aan: ‘We want to play games’ en onze collega Peter zorgt er dan wel voor dat dit ook gebeurt. Spelletjes doen dus. En Peter vervolgde: ‘Apart from playing games, the boys have to weed and the girls have to sweep’. Tsja……onkruid wieden en vegen moet ongetwijfeld gebeuren, maar om dit nu uit te laten voeren tijdens een naschools programma, gaat ons toch wel een beetje te ver.
Tijdens een volgende ASP-bijeenkomst stond zingen op het programma. De liedjes waren bewust gekozen. Er was een liedje dat prima paste in een les over ‘religious and moral education’, maar dat een beetje werd aangepast omdat we te maken hebben met allemaal moslimkinderen. Al snel schalde het door de conference room/library: ‘Allah remember me, when you come into your Kingdom’. Verder was er een luchtig liedje: Obladi-Oblada en tenslotte een liedje dat paste in het peaceful Ghana, zijnde: Solidarity for ever, that makes our nation strong’. Na het zingen, volgde andere aktiviteiten, maar het valt op dat veel kinderen steeds opnieuw kiezen voor ‘drawing’ en het moet gezegd worden dat er mooie tekeningen tussen zitten.
Uiteraard zijn er verschillende kinderen die ons huis weten te vinden. Soms gebeurt het dan ook wel eens dat ze ons komen ophalen en samen wandelen we dan naar CPYWD. Eén van de kinderen liet me weten: ‘Madam Dies, tomorrow I will come to your house and then I chop (eat) rice with you’……Rijst is voor deze kinderen een delicatesse; dat eten zij nooit.
Voor zowel het ‘indoor-program’ (kinderen in schooluniform) als ook het ‘after school program’ (kinderen niet in schooluniform), moet er na iedere les een ‘report’-formulier worden ingevuld.
Op zich is dat natuurlijk goed, aangezien er op die manier mogelijkheden zijn voor evaluatie en eventuele aanpassingen/bijstellingen. Echter: Alle formulieren verdwijnen in een klapper en we hebben nog bijna nooit gezien dat er iets mee wordt gedaan. Toen we dit eens een keer voorzichtig ter sprake brachten (lange Ghanese tenen!), luidde het antwoord: ‘We file it and that is it’. Juist ja….opbergen dus in de map en daar blijft het dan bij. Toch gaan we door met het maken van rapportages. We vermelden de aktiviteit, de namen van de facilitators die de aktiviteit begeleiden, datum, tijd, lokatie, totaal aantal deelnemers (onderverdeeld in jongens en meisjes), leeftijd, inhoud van de aktiviteit, behaalde doelen, eventuele stappen die nog genomen moeten worden, benodigheden voor de geplande aktiviteit enz. enz.
En iedere zondagochtend wordt er nog les gegeven aan buurjongen Justin: De ene week staat computerles op de rol en de andere week Franse les. Toen moeder Reina een keer informeerde of Justin vorderingen maakte, lieten we haar weten: ‘He is doing well; you can be proud of your son’. Haar reaktie: ‘So he can speak French now’ (alsof je even een drankje inslikt en vloeiend Frans kunt praten).
Justin hoopt natuurlijk op een eigen computer. Zijn moeder Reina liet ons weten dat zij er op dit moment nog geen geld voor heeft, aangezien haar man (zijnde niet de biologische vader van Justin) weliswaar een baan heeft, doch niet maandelijks salaris ontvangt……maybe once in the three months they give him some money……aldus Reina.
Op 15 september echter ging de les van Justin niet door, aangezien Justin een klein ongelukje had gehad met zijn motorbike. Begrijpelijk dat hij zijn hoofd niet had staan naar de les en hij liet weten: ‘Can we postpone our lesson, because I face some challenges now?!’ En dat was uiteraard geen probleem.
Sinds 18 september beschikken onze buren over een schotel-antenne. TV kijken doet men - in z’n algemeenheid - graag in Ghana.
Buurvrouw Reina moest een paar dagen naar de Upper West Region, i.v.m. een funeral van een familielid.
Justin was na de Franse les op 22 september nauwelijks vertrokken, of er stonden 8 kindertjes voor de deur. Zij vonden het wel leuk om de Siliminga’s te bezoeken en zij vonden het nog leuker toen zij allemaal op de foto mochten en een snoepje kregen. Toen er ook nog een verhaaltje verteld werd (1 meisje kon vertalen van Engels naar Dagbanli) leek het geluk compleet van dit kleine grut!
Tsja…..en na een paar dagen stonden zij natuurlijk weer op de stoep……zeg dan maar eens ‘ nee’ tegen die zwarte snoeten…..(Ik ben blij dat ik dat niet kan!!!) Meestal zijn het bliksembezoekjes; het kleine grut kijkt wat rond en gaat weer weg (maar niet nadat zij die keer allemaal een zakje water hadden gepikt uit de grote voorraadzak).
Vaak moet met minimale middelen iets hersteld worden. Voorbeeld: De nietjes in een boek hadden het begeven. Als er geen plakband en geen nietmachine is, lossen de schoolkinderen dit als volgt op: Het betreffende nietje wordt handmatig teruggeplaatst en verstevigd met een stukje papier. Zeer effectief; het gaat nooit meer los…….!
Nog steeds zitten we in het regenseizoen en dat betekent dat het erg vochtig is in huis. Vochtplekken; beschimmelde kleding, oorwormen, duizendpoten en zelfs paddestoelen die in de slaapkamer groeien!!!
En altijd weer die insektenbeten, met als resultaat krassen en bulten.
De eerste van de maand is ‘payment day’ in Ghana. Dit betekent dat mensen worden uitbetaald en het resultaat daarvan zie je in de winkels….….druk dus.
Met de taxi naar de stad is altijd weer een avontuur; het verkeer is levensgevaarlijk; ‘war on wheels’ en met name alle drivers op hun motorbikes zijn ware circusartiesten. Op 4 september werd een ongeluk voorkomen dankzij snel ingrijpen van onze taxichauffeur: Een motorbiker gooide zch pardoes voor onze taxi middels een ongecontroleerde manoeuvre. Hij zwiepte van links naar rechts. De mensen in onze ‘shared taxi’ gilden: ‘Jesus Christ’ en wij gilden net zo hard mee.
Tijdens een ander taxiritje zagen we plotseling een oude bekende, die wij echter niet meer herkenden. De jonge knaap van destijds was uitgegroeid tot een ‘grown-up’. Toen wij hem dat vertelden, moest hij lachen. Hij wist ons nog te vertellen dat Ben in het verleden kaartjes voor hem had gekocht om een voetbalwedstrijd bij te wonen. Echter: Hij had uren staan wachten bij de ingang van de VIP-entree, in de veronderstelling dat een oude witte man wel de duurste kaartjes zou kopen. Ben echter had de goedkoopste kaartjes gekocht en had bij een andere ingang op hem staan wachten. Resultaat: Zij hadden elkaar misgelopen. Als troost hadden we toen maar een voetbal voor hem gekocht. Ook dat feit wist de jongen zich nog te herinneren. Erg leuk!
Weer een andere taxirit is ook het vermelden waard…..de taxi verkeerde in een zeer slechte staat. Natuurlijk zijn we wel wat gewend en kijken we niet meer op van kapotte ruiten, deuren die niet sluiten, afgebroken spiegels, defecte versnellingsbak, kapotte zittingen, gaten in de bodem van de carrosserie (zodat je het wegdek kunt zien) enz. enz. Echter: Deze ‘voiture’ tartte alles, want plotseling hoorden we tijdens het rijden een vreselijke klap, waardoor de chauffeur zich genoodzaakt zag te stoppen. Wat bleek? Het hele voorfront was eruit gevallen en lag op de weg. Toen wij aangaven dat we wel een andere taxi konden nemen, liet de chauffeur ons weten: ‘Wait small small; it will be okay’. Hij sprong uit de oude bak en plaatste het stuk voorfront weer terug op de juiste plek. Tijdens de rit was ons al opgevallen dat collega taxichauffeurs regelmatig naar onze taxi wezen. Onze ‘driver’ lachte echter vriendeijk terug, totdat de bewuste klap een feit was. Extra ‘funny’ bij deze taxi was de sticker op de achterzijde, met als tekst: ‘Focus on Jesus’..……..hahaha!!!!
Ook stapten we eens in een taxi en op het moment dat de taxichauffeur ons zag, riep hij uit: ‘Kpaluu junction’. Dat is het kruispunt in Gurugu waar weven de dagelijkse aktiviteit was toen wij daar de eerste 2 jaren (2006-2008) woonden. We lieten hem weten dat we niet meer op die plek woonden en dat we gewoon naar de stad moesten, maar blijkbaar werden wij dermate ge-linkt aan ‘Kpaluu junction’ dat hij dus gewoon stopte bij dat kruispunt. Het duurde even voordat hij begreep dat ‘Kpaluu junction’ niet meer actueel was voor ons. Eindelijk viel het kwartje en vroeg hij: ‘I should send you to town?’ Ja, inderdaad…………..
Aangezien we altijd gebruik maken van ‘shared taxis’hebben we telkens weer een leuk contact met de lokale bevolking gedurende de rit. Vrouwen gaan vaak naar de markt. Als zij aan het einde van de route, de taxichauffeur betalen, dan halen zij het geld niet uit hun portemonnee, maar uit hun ‘cloth’, hun omslagdoek. In de punt van deze ‘cloth’ hebben zij een knoop gemaakt en daar wordt het geld in bewaard.
En toen liepen we Paul tegen het lijf. Hij is doende om een aantal oude taxi’s - die zijn vader heeft gekocht - op te laten knappen. Hij vond het dan ook leuk om ons mee te nemen naar de ‘fitter’ en het eerste resultaat te laten zien. Dit exemplaar was inmiddels gespoten. Met een andere oude taxi-bak bracht hij ons naar huis.
De Ghanese munteenheid, Cedi, heeft de eerste 8 maanden van 2013 6% in waarde verloren. Men verwacht dat er dit jaar nog zo’n 10% bij komt. Het IMF heeft de Staatsbank Bank of Ghana (BOG) al gewaarschuwd passende maatregelen te nemen.
Op 5 september gingen we terug naar de oorarts in het ziekenhuis voor ‘review’. Ben heeft nog steeds last van zijn gehoor en hoewel er een lichte verbetering is opgetreden - (had achteraf slechts te maken met de factor tijd en niet met het gebruik van medicatie) - is het nog niet in orde. Op naar dokter Amin dus in het Tamale Teaching Hospital! Wij hadden nog telefonisch contact met hem gevoerd en hij had ons geadviseerd om donderdag 5 september te komen.
Welnu, wij waren present, maar dokter Amin was er niet, because he was on leave…….toch vreemd….hij was notabene degene geweest die de bewuste datum aan ons had voorgesteld, maar goed…..het verhaal werd nog gekker….dokter Amin bleek helemaal geen arts te zijn, doch slechts verpleegkundige. Toen we dan ook informeerden naar de echte KNO-arts, kregen we te horen dat dit dokter Murphy zou zijn en men voegde er aan toe: ‘He is an old white man from America, but today he is not around, because he is too tired’. Het bleek dat hij in de nacht van 4 op 5 september spoedoperaties had moeten verrichten en daardoor te moe was en dus thuis was. Toen konden we ons inderdaad deze dokter Murphy herinneren, omdat ik (Dees) in januari 2010 ook een beroep had gedaan op een KNO-arts in het Tamale Teaching Hospital. Hij heeft ons toen slechts een hand gegeven en zich verontschuldigd, aangezien hij weggeroepen werd voor een spoedoperatie. Destijds ben ik dus waarschijnlijk ook door een verpleegkundige geholpen. Dokter Murphy is blijkbaar de enige KNO-arts in het Teaching Hospital in Tamale, een stad van ongeveer een half miljoen inwoners.
Hoe het ook zij: Maandag 9 september terugkomen en het euvel met betrekking tot de oren van Ben bespreken met dokter Murphy. Men gaf ons het telefoonnummer mee en wij namen ons voor hem te bellen voordat we uit Katariga zouden vertrekken, want van deur tot deur zijn we er toch wel een uurtje mee zoet om bij de KNO-arts te geraken.
Dus: Op 9 september wederom richting KNO-arts (ENT-department) in het Tamale Teaching Hospital en dit keer was dokter Murphy wel aanwezig. Het was een eigenaardig bezoekje: Amusant en irritant tegelijkertijd. Toen hij 2 witten zag zitten (wij waren de enige blanken), kwam hij naar ons toe en vroeg aan Ben: ‘Are you a doctor?’ Toen Ben hierop ontkennend antwoordde, liet hij weten: ‘Then you wait’. Blijkbaar gingen we zitten op een plek die niet goed was, want hij zei: ‘Do me a favour and sit there’.
Vervolgens liet hij ons uren wachten, maar iedere keer kwam hij weer naar ons toe en zei dan bijvoorbeeld: ‘I will be with you very soon; give me 5 minutes’ en weg was ie weer.
Eerst ging hij naar de afdeling, later zagen we hem met een pizza-doos onder zijn arm en plotseling kregen we de opdracht om naar binnen te komen. Wij vonden dat vreemd, omdat er een andere patient binnen was, maar goed…..Eenmaal binnen, zei hij tot onze grote verbazing: ‘Because you are a doctor, I want you to have a look while I examine this patient’ . Het begon ons behoorlijk op de lachspieren te werken en Ben liet zich ontvallen: ‘I am a social worker and my wife is a French teacher’. Dokter Murphy reageerde als door een wesp gestoken: ‘A French teacher? My wife is also a French teacher and French teachers….they cause troubles!’….hahahaha!!!!
Maar goed, we werden weer naar buiten gestuurd met de mededeling: ‘You wait small, I come very soon to you’.
Volgens ons is dokter Murphy al heel lang in Ghana, aangezien hij op een gebiedende wijs-toon sprak. Je kreeg gewoon korte bevelen te horen en dat past binnen de Ghanese cultuur. Voor ons komt dat nogal bot over. Ook deed hij erg interessant, arrogant en populair en daar hebben wij een ontzettende hekel aan. Zo sprak hij ons bijvoorbeeld aan in het Dagbanli en was gewoon benieuwd of wij dit begrepen. Maar de korte instructie van ‘ kom hier’ in het Dagbanli was ons bekend, dus daar kon hij niet op ‘kicken’. Toen bond hij wel in en ging over in het Engels, maar alles nog steeds op een bevelende toon: ‘Come here’. Het spelletje van naar binnen roepen en weer naar buiten sturen heeft hij zeker drie of vier keer opgevoerd. Het leek er duidelijk op dat hij genoot van de aktiviteit: ‘Witten pesten’. Hij liet de zwarte patiënten allemaal voor gaan. Wij hebben de ervaring dat wij - als blanken - bij zwarte artsen altijd een voorkeursbehandeling krijgen. Dat is natuurlijk ook niet goed, maar in het geval van dokter Murphy lag het er te dik bovenop dat hij juist de witten aan hun lot overliet.
Maar goed, na twee en een half uur gewacht te hebben, had hij blijkbaar geen trucjes meer over en werden we uiteindelijk dan toch geholpen.
Het was heel vervelend dat er niets werd uitgelegd. Ook dat past binnen de Ghanese cultuur en was voor ons ook een bewijs dat hij al lang in Ghana moest zijn. Hij onderzocht niet alleen de oren van Ben, maar ook de keel en de neus. Hij deed allerlei testjes, maar zonder enige uitleg en het ging er behoorlijk lomp aan toe. Ben (as a social worker) kon dus helemaal niets met deze klinische man. Daar bovenop komt nog dat Ben helemaal niets moet hebben van het medische wereldje en als je dan ook nog in Ghana bent en opgescheept zit met een type als dokter Murphy, ja….dan moge het duidelijk zijn dat Ben zich totaal niet op z’n gemak voelde. Ik fungeerde dan ook maar als spreekbuis en vertaler en probeerde ondertussen om Ben een hart onder de riem te steken.
Temidden van dit hele circus, kwam er iemand binnen rennen die riep: ‘Emergency’. De reactie van dokter Murphy hierop was: ‘If it is a road accident, then I don’t come’ en ging weer verder met patiënt Ben. Nou ja, zeg…..Toen dokter Murphy met een slang de binnenkant van Ben’s neus onderzocht, gaf hij tussen de bedrijven door uitleg aan iemand van zijn team. Echter: Een normale uitleg richting ons ontbrak. Wel kregen we een cynische uitleg te horen: ‘So far only two patients died’. Blijkbaar vond hij dit leuk, wij echter konden dit niet waarderen. Wij lieten hem dan ook weten: ‘ We appreciate it if you explain to us what you are doing; we come from a culture where explanation and communication are important’.
Dokter Murphy liet weten: ‘You are right; that is very important’, maar blijkbaar vond hij het leuker om ons te vermoeien met verhalen over zijn vrouw die docente Frans was, over hun vier kinderen en over het feit dat hij een paar dagen op vakantie was geweest in de hoofdstad van Burkina Faso, Ouagadougou, (terwijl het verplegend personeel ons dus eerder had verteld dat hij afwezig was, omdat hij te moe was, aangezien hij een hele nacht had geopereerd). Na afloop van het neusonderzoek bij Ben werd de betreffende slang niet gedesinfecteerd , maar hield dokter Murphy de slang slechts 2 seconden onder een klein waterstraaltje om deze vervolgens klakkeloos in een lade te gooien. Door deze handelswijze werden we wederom bevestigd in ons vermoeden dat deze man al heel lang in Ghana moest zijn.
Door het hele gedoe zou je bijna vergeten te vermelden wat de uiteindelijke diagnose was. Welnu, er zit vocht in het middenoor, veroorzaakt door een maandenlange verkoudheid. De medicatie die een week was gebruikt had volgens dokter Murphy geen enkele zin gehad. Het zou allemaal goed komen; het was slechts een kwestie van tijd. ‘There is nothing to worry about; it takes time; so have patience’ en hij voegde er nog aan toe: ‘A pregnancy takes 9 months and this problem of yours will also take time, but…it will be okay’. Verder gaf hij nog twee tips mee: ‘s Nachts een beetje hoger gaan liggen en enkele keren per dag neus en mond gesloten houden, druk zetten op oren en slikken.
Mochten de klachten over een maand niet over zijn, dan terugkomen. Als er geen klachten meer zijn, is een ‘ review’ niet meer nodig. Nou, hopelijk zijn de klachten tegen die tijd verdwenen, want Ben zit echt niet te wachten om nog eens terug te gaan naar deze eigenaardige man. En anders consulteren we hem telefonisch; we zijn namelijk in het bezit van zijn telefoonnummer.
Toen we weggingen, kon ik (Dees) het niet nalaten om te zeggen: ‘And due to French teachers, they are not that bad……’ Dokter Murphy lachte me plotseling veelbetekenend toe, draaide zich om, mompelde iets, dat ik helaas niet meer kon verstaan……….
En gelukkig……naarmate de tijd verstreek ging het steeds beter; de oorklachten namen af, maar al met al heeft het toch zo’n 5 maanden geduurd en begon het dus met een verwaarloosde verkoudheid.
Aangezien ik (Dees) weer te veel en te vaak hoofdpijnklachten had, besloten we om na ons bezoek aan het Tamale Teaching Hospital nog even richting Kabsad Scientific Hospital te gaan om te laten checken op malaria. We waren toch in de buurt. Uitslag: Geen malaria.
En met ingang van 6 september hebben we een nieuwe huurder voor ons appartement in Vlissingen. Dit betekende o.a. voor ons: Huurcontract bestuderen, uitprinten, ondertekenen, inscannen en terugsturen. Daar ben je hier in Tamale al snel 2 uur mee zoet. In het rumoerige internetcafé lukte het in eerste instantie niet. Oorzaak: Andere klanten waren zware bestanden aan het downloaden. Na vele pogingen lukte het uiteindelijk dan toch. Na de huurovereenkomst moest er ook een inspectierapport ondertekend teruggestuurd worden naar Nederland en dit geschiedde via de normale post.
Als we tussentijds boodschappen moeten doen en niet naar de stad willen of kunnen gaan, dan doet de container in de ‘village’ dienst.
Toen ik (Dees) een keer terugliep van dit ‘ buurtwinkeltje’ richting huis, stopte er plotseling een motorbike en hoorde ik roepen: ‘Hé, mrs. Ben, are you back?’ Wie stapte er van de motorbike af? Dat was Hubeida, een oud collega van onze voormalige stagebegeleidster weven, zijnde madam Juliet, die helaas enkele jaren geleden is verongelukt. Hubeida was zeer verbaasd en blij om ons terug te zien en dat was wederzijds! Zij liet ons weten: ‘Tomorrow I will come to your house’… ‘Okay, luidde ons antwoord, you are welcome’, maar de volgende dag kwam er geen Hubeida op bezoek. Een tijdje later zagen we haar weer (zij woont namelijk in onze Katariga-community) en wederom liet zij weten: ‘Tomorrow I will visit you’……..Nee dus. Dat is nu typisch Ghanees: Iedereen belooft om te komen, maar concreet gebeurt er niets.
Als we 1x per week richting stad gaan voor ‘our shopping’ en dus in een grotere winkel komen, dan zien we dat er ook iets gedaan wordt om diefstal te voorkomen. In Nederland hebben we camera-bewaking en ‘piepende poortjes’, maar hier in Tamale gebeurt het eenvoudiger. Als je binnenkomt met een tas, dan word je verzocht de tas op een rek te plaatsen of af te geven aan een ‘security-man’. Je krijgt dan een houten of kartonnen kaartje voorzien van een nummer en je krijgt bovendien een duplicaat van dat kaartje. Eén kaartje houd je zelf en het andere kaartje wordt neergelegd bij je tas. Als je de boodschappen hebt gedaan, is het een kwestie van de beide kaartjes met dezelfde nummers inleveren en dan krijg je je tas weer terug.
Religie blijft heel erg belangrijk in Ghana en dat zie je zelfs terug in de winkels. Soms prijkt namelijk op de kassabon de tekst: In God we trust………Ook is er een winkel die op zaterdag (notabene de drukste dag van de week) structureel gesloten is, omdat het personeel naar de kerk gaat.
De kosten van de factor arbeid spelen hier geen enkele rol. In Tamale is een winkel waar je na betaling van je spullen, naar een balie moet gaan waar de eerste persoon het kassabonnetje met het gekochte artikel vergelijkt; daarna ga je naar de tweede persoon die de taak heeft om de kassabon te voorzien van een paraaf en uiteindelijk doet de derde persoon je aankoop in een plastic zakje,
We lazen op www.ghanaweb.com dat een professor tijdens een lezing in Accra had gezegd dat sponsor-gelden voor Ghana niet nodig zouden zijn, als de corruptie zou worden teruggebracht tot nul. Met name de overheid mist inkomsten door corruptie.
Op 9 september brachten we nog eens een bezoekje aan Azara 3, één van onze kapsters van ons allereerste project in Tamale, namelijk NFD. Azara heeft, net zoals onze andere NFD-meiden, nu een eigen shop. Jammer genoeg zien wij de dames niet vaak. Wij wonen in Katariga en dat is ver verwijderd van de lokaties waar de meiden hun shops hebben. Bovendien hebben we geen auto en moeten alles met de taxi afleggen en vaak ontbreekt ook de tijd, omdat er nu gewerkt moet worden voor CPYWD. Uiteraard hebben wij de dames ook thuis uitgenodigd, maar de gemiddelde Ghanees zegt altijd dat ie komt, maar uiteindelijk komt ie niet. Het aantal mensen dat heeft toegezegd om ons te komen bezoeken is gigantisch, maar als puntje bij paaltje komt, komt er niemand. Men wil gewoon dat jij komt. Initiatief tonen lijkt meer bij wit dan bij zwart te horen!
Echter: Aangezien Azara ons maar bleef vragen wanneer we eens kwamen, besloten we om naar haar community te gaan. Bovendien toont Azara - als één van de weinigen - ook zelf initiatief en heeft zij ons zowel in Waterworks als in Katariga bezocht. Telefonisch had ze ons in haar slechte Engels laten weten: ‘Come to my house’ (in plaats van de houten kappers-kiosk). Nu weten wij nog wel waar zij destijds woonde, maar blijkbaar was ze verhuisd en woonde nu in de ‘ husband’s house’; een paar hutjes verderop.
Toen we de community inliepen, hoorden we onze namen al roepen en voor we het wisten bracht een meisje ons naar de ‘husband’s house of Azara’. Aldaar aangekomen maakten we kennis met de andere mensen die op de compound woonden: Schoonmoeder, ‘a sister’ die haar 3 maanden oude baby-boy Fahim in een kartonnen doos had ‘geparkeerd’ en ons liet weten: ‘I give him to you; take him to your country’.
De entourage was vreselijk. Hutjes, geiten, rotzooi, maar de mensen waren zo blij dat je hen bezocht. Echt wennen doet het nooit; nog steeds draait je hart om als je die armoe-troef ziet! Onze kapster Azara genoot: Zij begon meteen onze haren te kammen, zette baby Fahim bij ons op schoot en kwebbelde erop los in het Dagbanli. Azara changed; het meisje is veranderd in een jonge vrouw. Ook is ze erg dik geworden (of was zij zwanger?) en haar hoofddoek bedekte haar halve lichaam. Wij lieten haar weten dat zij altijd welkom is in Katariga en dat dit tevens gold voor de andere NFD-meiden van destijds. Ons Saartje (Azara) antwoordde: ‘I will inform them’.
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley